Toen de Universiteit ver weg was

Ik herinner mij verhalen van mijn grootouders en mijn ouders. Hoe zij en mensen in hun omgeving soms niet eens de lagere school afmaakten. Of later misschien de ambachtsschool, de huishoudschool of de U.L.O. Jongens gingen op jonge leeftijd werken om later de kost te kunnen verdienen en meisjes bereidden zich voor op het gezin, kinderen, het huishouden.

Het lijkt een karikatuur. Kort door de bocht. Een generalisatie. Maar het is meer.

Onderwijs, zeker hoger en universitair onderwijs, was ver weg en slechts weggelegd voor een kleine groep. Mensen die het zich konden permitteren en mensen die het aan hun stand verplicht waren hun kinderen te laten studeren. Er was ook een duidelijk verschil tussen stad en platteland.

Ook uit mijn eigen jeugd weet ik nog hoe het ging. Verschillen tussen jongens en meisjes en vanaf de lagere school een vrijwel voorspelbaar keuze-patroon. Dat heeft nog best lang stand gehouden.

Ik herinner mij ook mensen, doorgaans mannen, die met alleen lagere school zich opwerkten tot directeuren van grote bedrijven. Het ontbrak hen kennelijk niet aan ambities en kwaliteiten. Noodgedwongen bewandelden ze een langere en andere weg om te bereiken wat ze klaarblijkelijk in hun mars hadden.

Bedrijven als Phillips en Douwe Egberts boden kansen, maar ook veel zelfstandige ondernemers vonden hun weg. Velen ook niet. Niet omdat ze het niet zouden kunnen, maar soms zat het niet mee en soms moesten ze het er maar mee doen. Waar nu hoger opgeleiden strijden om banen deden toen laagopgeleiden dat. En nog steeds zullen er mensen zijn voor wie hoger onderwijs ver weg is, terwijl ze over voldoende competenties beschikken.

Dat de weg voor vrouwen nog veel moeilijker was is alom bekend. Dat had niets met kwaliteiten te maken, die ze natuurlijk wel hadden.

Nu vermoed ik, dat door het toegankelijker worden van MBO, HBO en Universiteit, de intelligentie van mensen niet in één of twee generaties revolutionair is veranderd. Het zou wel heel bijzonder zijn als we in zo'n korte periode zoveel slimmer zijn geworden. Dat past in geen enkele evolutie theorie.

Ouders en grootouders die trots zijn op hun kinderen en kleinkinderen omdat ze studeren, hun bachelor of master halen of zelfs promoveren op iets heel bijzonders, zijn terecht trots. Het is mooi dat de universiteit voor velen nu dicht bij is. Ouders en grootouders gunnen hun kinderen en kleinkinderen ook wat niet binnen hun eigen bereik was.

Toch erger ik me wel aan de inflatie van hoger onderwijs. MBO is vanzelfsprekend, HBO normaal en de Universiteit, ongeacht hoe lang je er over doet, is voor een grote groep prima te doen. Dit staat los van de kans op een baan en het loopbaanperspectief. Bij veel banen onderscheid je je niet met academisch denk- of werkniveau.

De samenleving, de overheid, maakt dit mede mogelijk. Dat is mooi! Als je vindt dat zoveel mogelijk mensen hoger opgeleid moeten zijn en sprake moet zijn van gelijke kansen dan kost dat wat. Dan mag je ook verwachten dat sprake is van talentontwikkeling en kwaliteiten die je redelijkerwijs mag verwachten nadat een hoogwaardige opleiding is afgerond.

Ook mensen voor wie de universiteit ver weg was betalen via hun belasting er aan mee. Ouderen voor wie de universiteit ver weg was, dragen bij aan de realisatie van goed en hoger onderwijs. Dat besef mis ik weleens als ik zie hoe het eraan toegaat. Hoe studie en loopbaan routes lopen en hoe de relatie is tussen opleiding, werk en maatschappelijk functioneren.

Schrijnend vind ik de benadering van wat tegenwoordig laaggeletterdheid wordt genoemd. Zeker laaggeletterdheid onder ouderen zou alle aandacht moeten krijgen. Mensen die niet dom zijn, maar in een tijd zijn opgegroeid, dat niet alleen de universiteit, maar soms ook de ambachtsschool of de huishoudsschool, ver weg was en daardoor nu vaardigheden missen die toch wel erg nuttig zijn.

Het gaat dan niet alleen om lezen, schrijven en spreken of om kranten, radio, tv, cultuur en maatschappelijke participatie. Het gaat ook om computergebruik, omgaan met moderne techniek en vooral om te kunnen meepraten en meebeleven hoe de wereld eruitziet van de generatie waarvoor hoger onderwijs dicht bij is.

In het algemeen worden mensen steeds ouder en blijven ze langer vitaal. Dat biedt ook kansen voor de mensen waarvoor vroeger welk onderwijs dan ook ver weg was, en nu dichtbij zou moeten kunnen zijn.


Geschreven op 06. april 2017 door Jan Waterlander

Heeft u een mooi verhaal? Stuur dan uw verhaal in voor ons gastblog; een podium voor iedereen! Een verhaal insturen kan via onze contactpagina en via ons e-mailadres; info@50plus.frl